De gewoonte om de buren uit te nodigen voor het eten namen mijn ouders mee naar Tilburg. Gewoon door aan te bellen. Dat is voor Nederlanders een cultuurschok, maar mijn ouders bleven het doen. “Somaliërs vinden gastvrijheid heel belangrijk. Zodra het ijs gebroken is, merk ik dat Nederlanders het ook heel fijn vinden. Onze oudere buurvrouw nodigen wij bijvoorbeeld uit om te komen eten. Ook de Marokkaanse, Turkse en Surinaamse gemeenschappen hier kennen die gastvrijheid.”
Buitenstaanders oordelen soms snel over de functionele bakstenen en rechttoe rechtaan rijtjeshuizen, maar wie Tilburg West binnenstapt, ervaart dynamiek en warmte. De vanzelfsprekende gastvrijheid en oprechte interesse vormen voor mij de kern van de wijk. Rond kerst koken islamitische jongeren maaltijden voor eenzame ouderen in de wijk. Bij de jaarlijkse iftar schuiven honderden mensen van allerlei achtergronden samen aan.
Die verbondenheid zorgt er ook voor dat we uitdagingen samen aanpakken. Tijdens corona richtten we jongerenplatform We Speak op. Sommige culturele gebruiken botsen met de Nederlandse normen en ook onderwerpen als mentale gezondheid blijven soms taboe. Ons platform maakt die thema's bespreekbaar en brengt jongeren en ouders dichter bij elkaar. We Speak geeft jongeren een stem in wat er moet gebeuren in de wijk.
Tilburg, en West in het bijzonder, is voor mij geen strak gepolijst plaatje. In dat rauwe is er ruimte om nieuwe dingen op te pakken; we zijn hier doeners. Daarom nodig ik mensen uit andere delen van de stad uit om West eens te bezoeken. Als je goed Surinaams wil eten, kun je terecht bij Thelma's. Maar het centrum van West is voor mij Bakkerij Afrah. Hier lopen studenten van de universiteit, jongeren en buurtbewoners dagelijks binnen voor een praatje en een warm broodje. Het fungeert als een informeel buurthuis waar verschillende generaties en culturen bij elkaar komen. Daarin kan de rest van de stad van de wijk leren: écht moeite doen om elkaar te ontmoeten en te leren kennen.